Ener­gie­ge­bruik

Energiegebruik

To­taal­beeld

Voor het bepalen van het energiegebruik in Groningen is het finale energiegebruik als uitgangspunt genomen, omdat dit cijfer relevant is voor het bepalen van het aandeel hernieuwbare energie (zie toelichting in hoofdstuk 1). Dit energiegebruik heeft betrekking op het gebruik van energie voor verwarming/koeling, verlichting of als krachtbron voor auto's, machines en andere apparaten en is excl. het gebruik van energie voor omzetting in andere energiedragers (in elektriciteitscentrales) en het gebruiken van energie voor het maken van een product dat geen energiedrager is (chemische industrie). Er is onderscheid gemaakt in drie categorieën eindgebruikers: huishoudens, bedrijven en instellingen en verkeer & vervoer. In dit hoofdstuk zijn de meest recente cijfers gepresenteerd met betrekking tot het energiegebruik in de provincie Groningen. Voor de categorie Verkeer en vervoer zijn nog geen regionale cijfers over 2016 beschikbaar. Daarom is de aanname gehanteerd dat het energiegebruik van deze categorie in 2016 gelijk is aan 2015.

Finale energiegebruik 2016

Het totale finale energiegebruik in de provincie Groningen bedraagt 69.272 TJ in 2016. Dit is de optelsom van het gebruik van energie, zowel fossiele als hernieuwbare energiebronnen, door huishoudens, bedrijven en instellingen in het verkeer en vervoer. Bedrijven en instellingen zijn verantwoordelijk voor 54% van het energiegebruik (37.562 TJ) in de provincie. Huishoudens en verkeer en vervoer zijn verantwoordelijk voor respectievelijk 24% (16.401 TJ) en 22% (15.309 TJ) van het totale energiegebruik. Onderstaande figuur toont de verdeling van het energiegebruik per categorie in 2016.

Figuur: Verdeling finale energiegebruik in 2016 | Totaal: 69.272 TJ

Ontwikkeling finale energiegebruik 2013 t/m 2016

De ontwikkeling van het energiegebruik in de periode 2013 t/m 2016 laat een wisselend beeld zien. In 2014 was het energiegebruik fors lager dan in 2013. Een belangrijke verklaring hiervoor is dat 2014 een uitzonderlijk warm jaar was. De gemiddelde temperatuur in Nederland bedroeg 11,7 graden, in 2013 lag de gemiddelde temperatuur bijna 2 graden lager. Als gevolg van de hogere temperatuur is in 2014 minder aardgas gebruikt voor ruimteverwarming. Hierdoor is vooral het energiegebruik van huishoudens, die een relatief groot deel van hun energie gebruiken voor ruimteverwarming, sterk gedaald. In de categorie Bedrijven en instellingen is het energiegebruik met 14% gedaald in 2014. Deze daling is grotendeels het gevolg van het faillissement van Aldel uit Delzijl. In zowel 2015 als 2016 is het energiegebruik in de provincie weer licht toegenomen. In beide jaren is het energiegebruik van huishoudens gestegen (+6% in 2015 en +4% in 2016). Deze stijging van het energiegebruik heeft een sterke relatie met de gemiddelde jaartemperatuur in beide jaren (10,9 graden in 2015 en 10,7 graden in 2016). Het energiegebruik van bedrijven en instellingen is in 2015 weer sterk toegenomen en in 2016 licht gedaald. Het is onbekend wat hier de oorzaak van is. Het energiegebruik van de categorie Verkeer en vervoer is in de periode 2013 t/m 2016 toegenomen, vooral door een groei van de scheepvaart in de zeehavens. Onderstaande figuur toont het energiegebruik per categorie in 2013, 2014, 2015 en 2016.

Figuur: Ontwikkeling finale energiegebruik per categorie (2013 t/m 2016)

Primaire energiegebruik 2016

Het primaire energiegebruik in de provincie Groningen is de optelsom van:

  • Het finale energiegebruik
  • Inzet van energiedragers voor omzetting in andere energiedragers (energiecentrales)
  • Inzet van energiedragers voor het maken van een product dat geen energiedrager is in de chemische industrie (niet-energetisch chemie)

De inzet van energiedragers voor omzetting in andere energiedragers en voor het maken van een product dat geen energiedrager is, wordt niet per provincie geregistreerd. De omvang van dit energiegebruik in de provincie Groningen is daarom berekend door landelijke cijfers te regionaliseren o.b.v. het aandeel van energiecentrales en de chemische sector in de landelijke CO₂ uitstoot. Onderstaande tabel toont de omvang en verdeling van het primaire energiegebruik in de provincie Groningen in 2016.

N.b.  Er zijn nog geen cijfers beschikbaar over de CO₂ uitstoot van energiecentrales en het chemiecluster in de provincie Groningen in 2016, daarom is het aandeel van de energiecentrales en het chemiecluster in het landelijke energiegebruik gebaseerd op het aandeel in de CO₂ uitstoot in 2015.

Figuur: Verdeling primaire energiegebruik in 2016 | Totaal: 202.354

Ontwikkeling primaire energiegebruik (2013 t/m 2016)

Het primaire energiegebruik is in de periode 2013 t/m 2016 fors toegenomen. Belangrijkste verklaring hiervoor is het in gebruik nemen van de Eemshavencentrale van RWE. Tegelijkertijd hebben de gasgestookte centrales in de provincie hun elektriciteitsproductie teruggeschroefd. Deze daling is echter beduidend kleiner dan de stijging van het energiegebruik door de nieuwe kolencentrale.

Spreiding primaire energieverbruik provincie Groningen

De onderstaande grafiek toont de spreiding van het primaire energieverbruik per gemeente in de provincie Groningen in 2016. De gemeenten waarvan de herindeling al (nagenoeg) vast staat zijn samengevoegd in hun nieuwe vorm. Dit heeft geresulteerd in de volgende indeling:

  1. Appingedam
  2. Delfzijl
  3. Groningen (Ten Boer, Haren en Groningen)
  4. Het Hogeland (Bedum, De Marne, Winsum en Eemsmond)
  5. Loppersum
  6. Midden-Groningen (H.-Sappemeer, Menterwolde en Slochteren)
  7. Oldambt
  8. Pekela
  9. Stadskanaal
  10. Veendam
  11. Westerwolde (Bellingwedde en Vlagtwedde)
  12. Westerkwartier (Grootegast, Leek, Marum en Zuidhorn)

De inzet van energiedragers voor omzetting en voor het maken een product dat geen energiedrager is, vindt vrijwel volledig plaats in de gemeenten Delfzijl en Het Hogeland. Dit betekent dat in de 10 andere gemeenten het finale energiegebruik nagenoeg gelijk is aan het primaire energiegebruik.

Figuur: Verdeling primaire energiegebruik per gemeente in 2016

De opbouw en ontwikkeling van het primaire energiegebruik per gemeente is uitgewerkt in hoofdstuk 7.

------------------------------

Bronnen:  Enexis (Energie in Beeld), Rijkswaterstaat (Klimaatmonitor en rapport Afvalverwerking in Nederland), CBS (Statline), Provincie Groningen, Suikerunie en Attero - bewerking E&E advies

Ener­gie­ge­bruik huis­hou­dens

Finale energiegebruik in 2016

Het finale energiegebruik van huishoudens bedroeg 16.401 TJ in 2016, dit komt neer op 24% van het finale energiegebruik in de provincie Groningen. Veruit het grootste deel (84%) is warmtevraag, het resterende deel is elektriciteitsvraag. In onderstaande figuur staat de opbouw van het energiegebruik van huishoudens in 2016

Figuur: Opbouw energiegebruik huishoudens (TJ) in 2016 | Totaal 16.401 TJ

Geografische spreiding

De geografische spreiding van het energiegebruik van huishoudens binnen de provincie hangt sterk samen met de geografische spreiding van inwoners. Echter in de stad Groningen is het gemiddelde energiegebruik van een huishouden lager dan in de rest van de provincie. Dit komt hoofdzakelijk door het grote aantal studenten, waardoor de gemiddelde huishoudensgrootte lager is dan in de rest van de provincie.

Gemiddeld energiegebruik huishoudens per inwoner

Het gemiddelde energiegebruik van huishoudens per inwoner bedraagt 28,1 GJ in de provincie Groningen. Dit is relatief hoog in vergelijking met Nederland. Dit komt omdat de gemiddelde woning in de provincie Groningen groter en ouder is dan de gemiddelde Nederlandse woning. Er zijn wel verschillen tussen de verschillende gemeenten binnen de provincie. In de gemeente Groningen is het gemiddelde energiegebruik van huishoudens per inwoner veruit het laagst, namelijk 23,6 GJ. Dit komt hoofdzakelijk door het grote aantal studenten in de stad, die veelal in relatief kleine woningen wonen. Tevens staan er weinig woningen in het buitengebied, deze woningen hebben over het algemeen een hoger energiegebruik dan woningen in steden en dorpen. Ook in de gemeente Appingedam ligt het gemiddelde energiegebruik van huishoudens per inwoner onder het provinciale gemiddelde (27,5 GJ per inwoner). De gemeente Appingedam heeft net als de gemeente Groningen weinig woningen in het buitengebied. In alle andere gemeenten is het gemiddelde energiegebruik van huishoudens per inwoner hoger dan het provinciale gemiddelde. Uitschieters zijn de gemeente Westerwolde (36,9 GJ) en gemeente Loppersum (34,1 GJ). In deze gemeenten staan relatief veel woningen in het buitengebied, waardoor het energiegebruik door huishoudens relatief hoog is. Onderstaande afbeelding toont  het gemiddelde energiegebruik van huishoudens per inwoner. De rode lijn is het provinciale gemiddelde. 

Ener­gie­ge­bruik be­drij­ven en in­s­tel­lin­gen

Finale energiegebruik in 2016

Bedrijven en instellingen zijn verantwoordelijk voor circa 54% van het finale energiegebruik in de provincie Groningen (37.562 TJ). Onderstaande figuur toont de verdeling van het energiegebruik binnen de categorie Bedrijven en instellingen. Hieruit blijkt dat ondanks het feit dat de economie in de provincie in de afgelopen decennia is getransformeerd tot een diensteneconomie, industriële bedrijven nog steeds verantwoordelijk voor een groot deel van het energiegebruik binnen deze categorie.

Figuur: Verdeling energiegebruik bedrijven en instellingen (TJ) in 2016| Totaal 37.562 TJ

Geografische spreiding

Het energiegebruik van bedrijven en instellingen is het hoogst in de gemeente Delfzijl. Dit komt door het chemiecluster. Ook de gemeenten Het Hogeland, Midden-Groningen en Westerwolde hebben een relatief hoog energiegebruik in verhouding tot het aantal bedrijven. In de gemeente Het Hogeland komt dit vooral door de aanwezigheid van grote elektriciteitscentrales. In Midden-Groningen bevindt zich relatief veel energie-intensieve industrie, o.a. kartonindustrie. Ook de winning van aardgas heeft in deze gemeente veel impact op het energiegebruik. In de gemeente Westerwolde heeft de locatie van zetmeelproducent Avebe een grote impact op het energiegebruik. De gemeente Groningen heeft vooral een hoog aandeel in de subcategorieën overheid en zorg & onderwijs. De stad Groningen heeft een belangrijke regionale functie, waardoor veel grote instellingen in Groningen zijn gevestigd. Ook de Suikerunie heeft een grote impact op het energiegebruik in de gemeente Groningen.

Ener­gie­ge­bruik ver­keer en ver­voer

Finale energiegebruik in 2016

Voor de categorie Verkeer en vervoer zijn nog geen regionale cijfers over 2016 beschikbaar. Daarom is de aanname gehanteerd dat het energiegebruik van deze categorie in 2016 gelijk is aan 2015. De categorie Verkeer en vervoer is verantwoordelijk voor circa 22% van het finale energiegebruik in de provincie Groningen in 2015. Onderstaande figuur toont de opbouw van het energiegebruik in het verkeer en vervoer in de provincie Groningen.

Figuur: Opbouw energiegebruik verkeer en vervoer (TJ) in 2015 | Totaal 15.309 TJ

Het wegverkeer is verantwoordelijk voor ruim driekwart van het energiegebruik binnen de categorie Verkeer en vervoer. Circa 40% van het energiegebruik van wegverkeer vindt plaats  op de twee snelwegen in de provincie Groningen (A7 en A28). De overige 60% vindt plaats op de overige wegen in de provincie Groningen. De subcategorie Mobiele werktuigen is verantwoordelijk voor 11% van het energiegebruik. Het gaat hierbij vooral om brandstofgebruik door mobiele werktuigen in de landbouw en bouw. De overige modaliteiten tellen op tot ruim 12%. Het gaat hierbij hoofdzakelijk om scheepvaart en een klein deel railverkeer. 

Geografische spreiding

De geografische spreiding van het energiegebruik binnen deze categorie wordt beïnvloed door de ligging van infrastructuur in de provincie Groningen. Gemeenten waar de A7 en/of A28 doorheen lopen hebben een relatief hoog energiegebruik. De aanwezigheid van een zeehaven maakt dat het energiegebruik in de gemeente Het Hogeland en Delfzijl relatief hoog is.

Ben­ch­mark Ne­der­land

Het finale energiegebruik in de provincie Groningen bedraagt 69.272 TJ in 2016. Landelijk bedraagt het finale energiegebruik 2.090.401 TJ in 2016. De provincie Groningen heeft een aandeel van 3,3% in het landelijke, finale energiegebruik. Dit is iets lager dan het aandeel van de provincie Groningen in de Nederlandse bevolking (3,4%) en het aandeel van de provincie Groningen in de landelijke werkgelegenheid (3,4%). De verdeling van het energiegebruik per categorie in Groningen wijkt enigszins af van het landelijke beeld. Het energiegebruik door huishoudens is relatief hoog. In de provincie Groningen staan ruim 270.000 woningen. Dit is 3,6% van de totale Nederlandse woningvoorraad. Het aandeel van Groningse huishoudens in het energiegebruik is hoger (4,3%). Dit heeft zowel met het bouwjaar van woningen in Groningen te maken als met het aantal vierkante meters per woning. In de provincie Groningen is 59% van de woningen voor 1975 gebouwd, landelijk is dit 52%. Over het algemeen zijn oudere woningen minder energiezuinig dan nieuwere woningen. Daarnaast staan in de provincie Groningen meer woningen met een grote oppervlakte dan in de rest van Nederland. In de provincie Groningen is ruim 20% van de woningen groter dan 150 vierkante meter, landelijk is dit ruim 18%. Woningen met een groot oppervlak gebruiken over het algemeen meer energie voor ruimteverwarming dan kleinere woningen. Het aandeel van de provincie Groningen in het energiegebruik van bedrijven en instellingen is gelijk aan het aandeel in de landelijke werkgelegenheid (3,4%). Het aandeel van de provincie Groningen in de categorie verkeer en vervoer is relatief laag (2,3%). Dit komt vooral door het marginale aandeel van Noord-Nederland in het vliegverkeer en de perifere ligging van Groningen, waardoor er relatief weinig doorgaand verkeer is.